Sla links over

Hoofdinhoud

Het coachen van kringleiders

Het coachen van kringleidersdinsdag 06 december 2011 11:03

Wat hebben kringleiders nodig, om hun dienst op lange termijn te kunnen blijven vervullen? Welke rol kan een coach daarbij spelen?

Leiders van kleine groepen hebben behoefte aan het volgende:
.

  • Steun
  • Feedback
  • Strategie
  • Vaardigheidstraining
  • Vermenigvuldiging

Steun

Kringleiders hebben week in, week uit de zorg voor andere mensen; in de eerste plaats op de kringavond zelf, maar ook in de tussenliggende periode. Maar wie zorgt er voor hen? In zekere zin krijgen ze natuurlijk ook iets terug van de kringleden, maar als je de groep zelf buiten beschouwing laat, is de kringleider voor zijn ondersteuning aangewezen op de coach.
Hoe kunt u als coach praktisch vorm geven aan uw zorg voor kringleiders? In de eerste plaats door naar hen te luisteren. Luisteren is de basis voor al het andere.
U kunt hen complimenteren en u samen met hen verheugen over de dingen die goed lopen: vruchten, die in de groep zichtbaar zijn. Jammer genoeg zijn we meestal voornamelijk bezig met het rechtzetten van dingen die niet goed gaan, en dan vergeten we de dingen die wel goed gaan.
Ook gebed voor de kringleider is belangrijk. Zeg niet alleen: "Ja, daar zal ik voor bidden," maar neem tijdens het coachingsgesprek de tijd om voor specifieke dingen te bidden. Geef blijk van interesse voor het leven en de huiselijke omstandigheden van de kringleider. Werk niet routinematig het lijstje af (Waar is de groep mee bezig? Hoeveel kringleden zijn er op dit moment? Wat zijn de problemen? Wat kunnen we daaraan doen?), maar laat de ander zien, dat u persoonlijk in hem geïnteresseerd bent en graag een relatie wilt opbouwen.
Moedig de kringleiders aan tot persoonlijke groei. Help hen om persoonlijk en in het geloof te groeien. Bepaal hen erbij dat toewijding aan God hiervoor essentieel is.

Feedback

Als we op deze manier blijk hebben gegeven van onze betrokkenheid en zorg, zullen kringleiders veel eerder bereid zijn om te luisteren naar onze feedback. Kringleiders hebben voor alles behoefte aan goede feedback. Ze hebben hulp nodig bij het herkennen van problemen binnen hun groep. Dat betekent voor u als coach, dat u de groep regelmatig moet bezoeken, om de dynamiek binnen de groep te begrijpen en zelf te observeren, wat er precies speelt. Ter aanvulling op deze bezoeken kunt u goede vragen stellen, die de kringleider helpen bij het zoeken naar oplossingen. Een goede coach biedt nooit een kant- en klare oplossing aan. In plaats daarvan stelt hij vragen, die de ander helpen om zelf de juiste stappen te ontdekken, die het functioneren van de groep kunnen verbeteren of concrete problemen kunnen oplossen.
Soms komt een kringleider er zelf niet uit en weet niet wat te doen. In dit geval kan een goede coach hem helpen, te brainstormen over mogelijke alternatieven. Hebt u eenmaal een lijst met alternatieven, dan kunt u die samen op hun merites beoordelen. Welke mogelijkheden zijn er om het groepsgebeuren te verbeteren? Om de groep te laten groeien? Om de groep binnen de gemeente in te schakelen in een bepaalde bediening?

Er is nog een andere vorm van feedback, die essentieel is voor kringleiders. Ze hebben af en toe hulp nodig bij het omgaan met mensen, die wat moeilijker in de omgang zijn en extra zorg nodig hebben. In het algemeen is er in elke groep wel zo iemand aanwezig. Soms worden dergelijke mensen een belasting voor de groepsleider. Als coach kunt u de kringleider steunen, hem bemoedigen en hem helpen om zorg te besteden aan zijn groep, maar in het bijzonder aan degenen, die extra aandacht nodig hebben.

Strategie

Een goede coach kan een kringleider ook helpen bij het ontwikkelen van een strategie. Vaak maken we ons zorgen, dat bepaalde dingen niet veranderen, en dat we kringleiders hier onvoldoende op wijzen. Maar tegelijkertijd verzuimen we, deze leiders een strategie te verschaffen, die hen helpt om bepaalde problemen echt aan te pakken. Een coach kan een kringleider helpen om strategieën te ontwikkelen voor de geestelijke groei van de kringleden. Een coach moet zich niet beperken tot de algemene vraag, hoe het gaat in de groep en hoeveel mensen er komen. Vraag concreet naar bepaalde kringleden en de aard van hun geestelijke groei. Dergelijke vragen confronteren de kringleider met het doel van de kring en zijn eigen verantwoordelijkheid daarin. Ze sporen hem aan om over ieder individueel groepslid na te denken, zodat hij u als coach op dat punt iets te melden heeft. Door dit soort vragen kunt u het paradigma van de groepsleider veranderen van 'Hoe gaat het met de groep" in "Hoe gaat het met het geestelijk leven van mijn groepsleden?"

Soms hebben groepsleiders ook een strategie nodig om met noden en behoeften van groepsleden om te gaan. Een pastor zei eens, dat kringleiders de gave moeten hebben om schoenveters vast te maken. Ik begreep daar niets van, tot hij uitlegde wat hij bedoelde. Veel kringleiders hebben het gevoel dat ze zelf in de behoeften van hun kringleden moeten voorzien. Maar een goede leider herkent een nood of behoefte en vindt binnen de groep iemand anders, die aan deze behoefte tegemoet kan komen. Dan bindt hij de twee partijen bijeen als twee schoenveters.

We zeggen altijd dat kleine groepen naar buiten gericht behoren te zijn. Veel groepen hebben zelfs het principe van de lege stoel ingevoerd, bedoeld voor de persoon, die we met het evangelie willen bereiken. We dragen op dit punt dus wel een visie over, maar vergeten erbij te vertellen, hoe evangelisatie in de praktijk aangepakt moet worden. Een goede coach kan een groepsleider helpen, zijn relaties met buitenkerkelijke mensen te mobiliseren. Hij kan hem helpen om concrete missionaire projecten te organiseren, waarbij de gehele groep wordt ingezet. Hij kan de leider motiveren om eens met de kringleden een wandeling door de stad te maken, zodat ze de nood zien van mensen die Jezus nog niet kennen.
Dikwijls heeft een leider het veel te druk met nadenken over de volgende kring-avond, het volgende onderwerp, de volgende bijbeltekst; daardoor vergeet hij de missionaire kant van de zaak. Het is de taak van de coach om hem steeds opnieuw te herinneren aan het belang van evangelisatie.

Vaardigheidstraining

Kringleiders hebben ook hulp nodig bij het aanleren van vaardigheden, die hen tot goede leiders maken. Ze moeten iets afweten van de dynamiek en de ontwikkeling van een gezonde groep. Ze moeten weten hoe ze kunnen zorgen dat alle kringleden worden geïntegreerd in de groep en een actieve bijdrage leveren. Ze moeten weten hoe je omgaat met deelnemers die teveel praten. Ze moeten weten, wat te doen als een kringlid moreel verwerpelijk gedrag of een ernstige zonde opbiecht. De vaardigheden die hiervoor nodig zijn, kunnen in rollenspelen worden getraind. Zo kunnen groepsleiders bij voorbaat oefenen, hoe ze in zo'n situatie zouden reageren.

Kringleiders moeten weten, hoe ze de Bijbel in de groep kunnen gebruiken. Ik heb een groepsleider gekend, wiens probleem niet was dat hij niet met de Bijbel kon omgaan. Zijn probleem was juist dat hij dat veel te goed kon! Hij had de gave om onderwijs te geven. En zo draaide zijn kringavond elke week uit op een miniatuur hoorcollege. De groepsleden luisterden graag naar het woord van God, maar ze konden geestelijk niet groeien, omdat ze niet de kans kregen om te bidden, gedachten uit te wisselen en verantwoordelijkheid te dragen.
Daarom moest ik deze kringleider helpen om de Bijbel zo te gebruiken, dat er tijd overbleef voor het opbouwen van relaties.

Er zijn echter ook kringleiders die niet veel ervaring hebben met het geven van onderwijs. Zij hebben praktische hulp nodig om te leren hoe ze de Bijbel in een groep kunnen gebruiken en hoe ze een onderwerp kunnen voorbereiden. Op dit punt is het essentieel dat ze leren om de goede vragen te stellen. Vaak bereiden we ons voor op datgene wat we zeggen willen. Maar een goede groepsleider, evenals een goede coach, bereidt zich voor op het stellen van de juiste vragen.

Soms moeten kringleiders ook leren dat ze verschillende soorten groepen kunnen leiden. Misschien hebben ze lange tijd een bijbelkring geleid en zijn ze nu geïnteresseerd in een zelfhulpgroep. Voor het leiden van verschillende soorten groepen zijn verschillende vaardigheden nodig. Een goede coach zal deze vaardigheden met de groepsleider oefenen of op zijn minst zorgen dat de leider wordt toegerust via boeken, video's, geluidscassettes en seminars.

Er zijn groepsleiders, die zo in beslag worden genomen door het groepsproces, dat ze de individuele groepsleden uit het oog verliezen. De pastor, die mijn het veterprincipe heeft geleerd, sprak ook veel over het belang van elastiek. Als u mensen tot discipelen wilt maken, moet u daarbij denken aan een stuk elastiek. Aan de ene kant bevindt zich de kringleider, aan de andere kant het individuele groepslid. Zo lang het elastiek niet onder spanning staat, zal het groepslid geestelijk niet groeien. Het is de verantwoordelijkheid van de leider om het elastiek zover uit te rekken, blijk te geven van zoveel verwachting, dat de individuele groepsleden geestelijk kunnen groeien en betere volgelingen van Jezus worden. Maar het elastiek mag niet zo strak gespannen worden, dat het de groepsleider of het groepslid kan verwonden, als het breekt. Ik vind dit een heel bruikbaar beeld. We moeten het elastiek voortdurend onder lichte spanning houden en op die manier voor voldoende uitdaging zorgen, zodat mensen geestelijk groeien en vooruitgang boeken in hun relatie tot God.

Ten slotte moet de groepsleider in staat zijn om mensen in te zetten op een wijze die past bij hun gaven. We moeten de gedachte achter ons laten dat alleen de predikant of voorganger competent is om mensen in te schakelen in kerkelijk werk. Als we meer mensen willen motiveren om taken op te pakken in de kerk, moeten we deze verantwoordelijkheid in handen van de groepsleiders leggen. Het ontdekken en ontwikkelen van gaven is immers een natuurlijk uitvloeisel van het groeien in discipelschap, dat zich in de groep voltrekt. Daarom moeten groepsleiders weten welke taken er in het gemeentewerk te vervullen zijn. Zij kunnen worden getraind in het vermogen om gaven en capaciteiten bij mensen te onderkennen.
De kleine groep is de omgeving bij uitstek waar geestelijke gaven het best kunnen worden gepraktiseerd, en waar capaciteiten ontwikkeld kunnen worden. Op het juiste moment kan de groepsleider een verbinding leggen met de meest geschikte bediening. Dat kan zijn binnen de groep, in de gemeente of in een vorm van evangelisatie of diaconaat. De meeste groepsleiders zullen dat niet spontaan doen, maar met enige begeleiding door de coach kunnen ze de vaardigheid ontwikkelen om mensen te mobiliseren voor allerlei vormen van dienst in de gemeente en in de samenleving.

Vermenigvuldiging

Leiders van kleine groepen hebben behoefte aan ondersteuning bij het vermenigvuldigen van hun groep. Ze moeten leren hoe ze aspirant-leiders kunnen herkennen en opleiden. Ze moeten leren hoe je een nieuwe groep opzet en hoe je groepsleden moet loslaten, die een nieuwe groep starten. Een coach kan aanmoedigen tot vermenigvuldiging, als hij zich ervan overtuigd heeft, dat binnen de groep groei in discipelschap plaats vindt en dat er potentiële leiders worden toegerust.

Thomas Nebel en Steven Ogne
Overgenomen uit IDEA (nu IDEAZ), magazine van MissieNederland over missionaire gemeenteopbouw. Kijk op www.missienederland.nl/ideaz voor een abonnement. 

Kernwoorden: Kring, huiskring, kleine groep, huisgroep, kringleider, coaching

Labels
Gemeenteopbouw > Praktische organisatie > Kleine groepen

« Terug naar Home

Archief > 2011 > december