De coronacrisis en de risico’s in zending

14 mei 2020
  • Profielafbeelding van Kirst Rievan
    Door: Kirst Rievan

Daar zitten we dan in Azië in lockdown, ver weg van onze familie, maar wel in een land waar we veel van houden. De vliegtuigen gaan vanaf volgende week weer vliegen terwijl hier het aantal geïnfecteerde mensen fiks aan het toenemen is. Mijn vrouw en ik laten onze gedachten gaan over allerlei vragen die te maken hebben met blijven of vertrekken vanwege de coronacrisis. En we zijn niet de enigen. Nog nooit eerder heeft deze keuze zoveel cross-culturele werkers tegelijkertijd beziggehouden.

Het valt ons op dat er veel gesproken wordt over risico’s. Het huidige coronavirus, dat naar alle waarschijnlijkheid ook gevolgd zal worden door andere coronavirussen, biedt ons een kans om onze risico-afwegingen in de zending eens grondig te overdenken. In dit artikel gebruiken we principes uit Polarity Management en uit Mentale Modellen om te overwegen of onze algemeen geaccepteerde standpunten over risico’s in de zending nog steeds stand houden. Ook vragen we ons af welke diepere missiologische vragen aan ons denken over risico's ten grondslag zouden moeten liggen.

Niet nieuw

Mijn vrouw en ik zijn samen het boek Green Leaf In Drought[1] aan het lezen, waarin Isobel Kuhn de situatie beschrijft van de zendelingen van de China Inland Mission halverwege de vorige eeuw. Buitenlanders waren zo gehaat door het regime dat iedereen die contact met hen had een groot veiligheidsrisico liep. De zendingsleiders besloten al hun zendelingen - meer dan 800 - uit China te laten vertrekken om zo de nog jonge en kwetsbare Chinese kerk te beschermen. Het is goed om op te merken dat er de afgelopen jaren weer zo’n situatie is ontstaan waarin buitenlanders moesten vertrekken, ook al was dat in een wat andere context. 

Velen van ons hebben wel eens een besluit moeten nemen over ‘vertrekken-of-blijven’ vanwege, ziekte, noden van kinderen, oorlog, onrust, of andere redenen. De vraag naar een aanvaardbaar risico is niet nieuw, maar nu met de coronacrisis wordt die vraag wel breder gesteld dan ooit tevoren.

Zorgplicht

De laatste tientallen jaren is er meer zorg gekomen voor cross-culturele werkers. Sinds de negentiger jaren is het steeds gewoner geworden in de zendingswereld om zorg voor medewerkers goed te regelen.[2] Dit is in gang gezet door onderzoek dat aantoonde dat een behoorlijk aantal werkers in het buitenland en hun kinderen psychische problemen hadden ontwikkeld. Boeken als Uit het veld geslagen?![3], voor het eerst in het Engels uitgegeven in 1987, hadden een enorme impact. Vanaf die tijd is 'Member Care' niet meer weg te denken uit de portfolio van de personeelsafdelingen van grote en middelgrote zendingsorganisaties. Zorg voor de werkers en hun gezinnen en het voorkomen van onnodig letsel zijn een belangrijke waarde geworden in de zending. 

Delen in moeilijkheden

Het is duidelijk dat zendingswerk risico’s met zich meebrengt. Naar het buitenland gaan zorgt er meestal voor dat je meer risico loopt betrokken te raken bij auto-ongelukken, besmettelijke ziektes, culturele stress, en matig onderwijs. Jezus Christus heeft dat zelf ook allemaal aan den lijve ondervonden: Hij kwam vanuit de veilige hemel naar de menselijke wereld om belachelijk gemaakt, vervolgd en uiteindelijk vermoord te worden. De meeste apostelen ondergingen de marteldood, en de Schrift staat vol van aansporingen over het leven temidden van moeilijkheden. Door de eeuwen heen zijn vele zendelingen op het zendingsveld gestorven, en, hoewel medische zorg en andere voorzieningen de risico’s vandaag minder heftig maken, is het nog steeds zo dat cross-culturele zending risico’s met zich meebrengt en tot fysieke en mentale verwondingen kan leiden. 

Gods missie

De laatste tientallen jaren hebben er grote verschuivingen plaatsgevonden in het denken over zending, en de evangelische beweging maakt langzaam een inhaalslag. De “from the West to the rest”-mentaliteit[4] had een soort chauvinisme voortgebracht dat kon leiden tot het karikaturale beeld van de verre held die de lokale heiden komt redden.[5] Tegenwoordig is missie veel meer “from everywhere to everyone” waardoor er anders wordt gedacht over de rol van de expat.[6] Vandaag de dag is de expat meestal onderdeel van een team of een internationaal netwerk en rapporteert hij vaak aan een landelijke leider. Voor de teamgenoten in het land zelf zijn de risicofactoren, zoals een infectieziekte oplopen, ook zeer reëel, echter zij hebben meestal geen keuze om te blijven of vertrekken. Keuzes over vertrekken worden zo een team-aangelegenheid: We zijn allemaal samen betrokken bij de missie van God, niet bij de missie van het Westen.

Bijbelse principes

Zoals eerder genoemd, is het grootste voorbeeld in de bijbel van iemand die een veilige plek verlaat om in een risicovolle plaats te verblijven natuurlijk Jezus zelf. Er zijn vele bijbelverzen die ons eraan herinneren dat we niet onnodig bezorgd moeten zijn over onze veiligheid, en niet teveel aan onszelf moeten denken, maar slechts gericht moeten zijn op God. Bijvoorbeeld, Handelingen 20 vers 24: ‘Ik hecht echter niet de minste waarde aan het behoud van mijn leven, als ik mijn levenstaak maar kan voltooien en de opdracht uitvoeren die ik van de Heer Jezus ontvangen heb: getuigen van het evangelie van Gods genade’ (NBV). Zelfopoffering is een kernwaarde van elke christen, en met name voor hen die uitgezonden zijn om de onbereikten te bereiken.

Maar er zijn ook verzen in de bijbel die oproepen tot voorzichtigheid. Er waren momenten waarop Jezus zelf gevaarlijke situaties vermeed. Bijvoorbeeld: Jezus liep door de menigte en vertrok (Lucas 4 vers 30), en de discipelen kregen de instructie om naar het volgende dorp te vertrekken als ze niet welkom waren (Matteüs 10 vers 14). Verschillende tekstgedeelten benadrukken dat we allemaal deel zijn van één lichaam (1 Korintiërs 12), hieronder vallen onze echtgenoten, onze kinderen, en onze teamgenoten. In 1 Timoteüs 5 vers 8 vergelijkt Paulus de verwaarlozing van onze familie  met ongeloof. In bredere zin zegt Jezus zelf, “Aan jullie liefde voor elkaar zal iedereen zien dat jullie mijn leerlingen zijn” (Johannes 13 vers 35). Dit vers benadrukt dat zorg voor elkaar onderdeel is van onze getuigenis naar buiten toe. 

Polariteit 

Als we de vraag of we zullen blijven of vertrekken willen onderzoeken, moeten we de twee schijnbaar tegengestelde waarden achter de bijbelse principes in een gezonde spanning zien te houden. Dat kunnen we doen door het Polarity Management model van Johnson te gebruiken.[7] Het model helpt om de spanning tussen de waarden zo te beheren dat potentiële negatieve uitkomsten beperkt worden en potentiële positieve uitkomsten een vervolg krijgen, terwijl beide waarden toch stand houden.[8]

De vragen rondom risico lijken centraal te staan in de meeste gesprekken over de keuze om te blijven of te vertrekken. Aan de ene kant willen wij en onze zendende instantie onszelf en onze teamgenoten beschermen tegen ziekte of pijn in een situatie waarin er beperkte zorg en medische mogelijkheden zijn. Aan de andere kant dringt onze passie voor de mensen om ons heen en onze loyaliteit aan de lokale partners ons ertoe om aanwezig te zijn in kwetsbare situaties. Zelfs als er weinig mogelijkheden zijn om daadwerkelijk te helpen, zijn we in elk geval betrokken. Op de doorgaande lijn tussen risico mijden en risico nemen willen we het 'optimale midden' vinden.

Mogelijkheden

Als we naar de risicofactoren kijken, merken we dat we onszelf ook gaan afvragen wat er met de bediening die ons is toevertrouwd gaat gebeuren indien we vertrekken of blijven.  Er zijn ruwweg vier mogelijkheden:

  1. Vertrekken, met de verwachting dat de contacten kunnen worden onderhouden en dat we bezig kunnen blijven met het zendingswerk vanuit ons thuisland.

  2. Vertrekken, terwijl we accepteren dat onze contacten en onze activiteiten bij het zendingswerk ter plekke zullen stoppen of drastisch verminderen.

  3. Blijven, in de hoop dat de contacten en de activiteiten voor het zendingswerk doorgang kunnen vinden.

  4. Blijven, terwijl we accepteren dat de beperkingen het ons moeilijk maken om de contacten te onderhouden en bezig te zijn met het zendingswerk.

Wanneer we deze opties in het Polarity Management model invoeren, dan zou dat er als volgt uit kunnen zien:

plaatje 1.jpg

Mentale Modellen

Om deze opties verder te onderzoeken, is het goed om het begrip ‘mentale modellen’ te introduceren.  “Mentale modellen zijn diepgewortelde aannames, generalisaties, of zelfs plaatjes of beelden die ons beïnvloeden als we de wereld proberen te begrijpen en als we tot actie willen overgaan.”[9] Met andere woorden: wat is de missiologie waarop we onze beslissingen baseren in verband met de risico’s die we willen lopen?

Het is nog niet zo gemakkelijk om onze mentale modellen te herkennen. We zijn ons meestal niet bewust van onze dieperliggende waarden, totdat er iets tegenin gaat. Bij het thuisfront is er vaak zo’n verantwoordelijkheidsgevoel en warme zorg voor de medewerkers, dat het mijden van risico een natuurlijk onderdeel wordt in de gebeden en beleidsstukken voor de zendingswerkers. Andere belangrijke waarden, zoals goed onderwijs voor de kinderen, zorg voor bejaarde ouders, en het welzijn van elk gezinslid kunnen ertoe leiden dat we binnen onze missiologie meer bewegen in de richting van risicomijding. Er kan zelfs onderliggend een uitgangspunt zijn dat sterven in het harnas koste wat het kost moet worden vermeden. Maar is dat bijbels? En is dat besproken met de zendende kerk, de organisatie, en het team?

Uit balans

Je kunt je afvragen of de toegenomen waarde van zorg onbewust mentale modellen heeft gecreëerd, die onze gesprekken zo sturen dat we één kwadrant van het Polarity Management model boven de andere stellen. Missioloog Christopher Ducker geeft aan dat het concept kwetsbaarheid weer teruggebracht zou moeten worden in onze missiologie: “Ik stel voor dat kwetsbaarheid per definitie een eigenschap voor de zending in de eenentwintigste eeuw moet zijn. Met kwetsbaarheid bedoel ik jezelf (gewoonlijk opzettelijk) blootstellen aan risico’s en onzekerheid met inbegrip van de mogelijkheid dat je in moeilijkheden raakt, gewond raakt, en aangevallen wordt.”[10] Dit past volkomen bij de uitspraak van de meest bekende cross-culturele zendeling, de apostel Paulus: “Omdat Christus mij kracht schenkt, schep ik vreugde in mijn zwakheid: in beledigingen, nood, vervolging en ellende. In mijn zwakheid ben ik sterk” (2 Korintiërs 12 vers 10).

Als gesprekken alleen gaan over risicomijding en geen aandacht hebben voor de duurzaamheid van de bediening en de opgebouwde relaties, dan beweegt het gesprek zich in het onderste linkerkwadrant van het diagram hieronder. Het gesprek is daar weergegeven als een krakeling omdat we ervan uitgaan dat de gesprekken de andere aspecten  wel aanstippen maar steeds weer terugkeren naar het risico-aspect. Duikt die lus dus teveel in één kwadrant, dan weten we dat de missiologie achter onze gesprekken uit balans is geraakt.

plaatje 2.jpg

Op dezelfde manier zouden de gesprekken, als ze bijvoorbeeld steeds naar opoffering en lijden neigen, net zozeer uit balans zijn. In dat geval zou de lus dieper in het onderste rechterkwadrant duiken, met name als er geen aandacht wordt geschonken aan de mogelijkheid dat je als werker een last wordt voor de kwetsbare gemeenschap. 

Gezonde gesprekken

Als we ervan uitgaan dat onze missiologie een gezonde balans laat zien tussen zorg voor onszelf en gedrevenheid en passie voor de zending en de mensen, dan zouden we zien dat de gesprekken gericht zijn op de impact die het besluit zou hebben voor de zending op de lange termijn. Dit zou best kunnen betekenen dat vertrekken de beste optie is, maar de belangrijkste reden is dan niet risicomijding voor het individu, maar omdat het het beste is voor de duurzaamheid op lange termijn van de zendingsopdracht en de opgebouwde relaties. De blauwe lijn in het diagram hieronder laat de plek zien waar wij denken dat de gesprekken bij voorkeur plaats zouden moeten vinden.

plaatje 3.jpg

De juiste koers houden

Omdat de ontwikkeling van de coronacrisis onvoorspelbaar is, gaan de gesprekken al snel alleen over risico’s en angsten. Daarom is het goed om 'vroege waarschuwingssignalen' te herkennen, indicatoren die ons vertellen dat we bezig zijn in een van de onderste kwadranten van het Polarity Management-model weg te zakken. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren als we merken dat we òf alleen over onze eigen veiligheid spreken in verband met vertrek òf juist heroïsch taalgebruik bezigen in verband met blijven.

Aan de positieve kant zouden we moeten focussen op 'Stappen voor actie'-interventies waardoor we positieve resultaten krijgen of behouden vanwege de focus op deze polariteit. Dit gebeurt bijvoorbeeld als we onze energie besteden aan het zoeken naar nieuwe manieren van werken, onze focus voor de bediening uitbreiden of bijstellen, en overleggen met de juiste stakeholders. Hierdoor komt het volledige polariteitsdiagram er als volgt uit te zien:

plaatje 4.jpg

Risico heroverwegen

Toen mijn vrouw en ik baden en nadachten over de risico's van blijven of teruggaan naar Nederland, ontdekten we dat we op dieperliggende vragen stootten. We stellen onszelf nu vragen als:

  1. Wat is mijn missiologische standpunt met betrekking tot risico nemen? Welke diepere waarden en vooronderstellingen voeden mijn gedachten daarover?

  2. Houd ik echt van de mensen bij wie ik woon? Ben ik bereid daar ook risico’s voor te nemen?

  3. Is het een valkuil voor mij om de held te willen uithangen, zelfs als ik alleen maar een last wordt voor de mensen om mij heen?

  4. Wiens beslissing is het of ik vertrek of blijf? Welk gewicht moeten we toekennen aan de stem van de partners in de bediening, de zendende kerk in Nederland, het leiderschap van de organisatie, en wij zelf?

  5. Biedt de coronacrisis een mogelijkheid om nieuwe manieren van werken te gaan ontdekken, waarbij bijvoorbeeld de bediening minder afhankelijk is van de aanwezigheid van de expats?

De coronacrisis kan de mentale modellen bijstellen die ten grondslag liggen aan hoe we over risico in zending denken. Ze kan ons bewegen om minder vast te houden aan de tendens om risico’s te mijden, en ons aansporen om risico’s op een verantwoorde manier te omarmen. Ze kan ook een impuls geven aan de discussie over de rol van buitenstaanders in zending. Zo kan ze wellicht het proces versnellen om het werk vanaf de start in de handen van de broeders en zusters in de betreffende landen te plaatsen. De grote missioloog David Bosch zei ooit over de kwetsbaarheid van de zending: “...het christendom is ‘uniek’ vanwege het kruis van Jezus. Maar dan moeten we het kruis ook zien voor wat het is: het is geen teken van kracht, maar een bewijs van zwakheid en kwetsbaarheid. Het kruis confronteert ons niet met de kracht van God, maar met Gods zwakheid.”[11]

Door Kirst Rievan (pseudoniem)

Kirst en zijn vrouw zijn verbonden aan Wycliffe Nederland en wonen al meer dan 20 jaar in Azië. Kirst is leidinggevende voor een wereldwijde christelijke ontwikkelingsorganisatie. Kirst heeft een ‘doctorate’ in de missiologie van de  BIOLA University.

Over dit artikel

Dit artikel is een bewerking van Staying or Leaving: The Missiology of Risk. Het zal gepubliceerd worden in Lausanne Global Analysis in D.V. juli 2020. De Nederlandse bewerking is mede tot stand gekomen met hulp van vertaalbureau Margeli (Marga van Gent-Petter).


[1] Kuhn, Isobel. 1994. Green Leaf in Drought. Singapore: Harold Shaw Publications.
[2] O’Donnell, Kelly. 2015. “The Missional Heart of Member CareInternational Bulletin of Mission Research, April.
[3] Foyle, Marjory F. 1993. Uit het veld geslagen?!: stress onder christenwerkers. Apeldoorn: Novapress.
[4] Ferguson, Niall. 2012. Civilization: The West and the Rest. Great Britain: Penguin Books.
[5] Johnson, Jean. 2012. We Are Not the Hero. Sisters, OR: Deep River Books LLC.
[6] Escobar, Samuel. 2003. The New Global Mission: The Gospel from Everywhere to Everyone. Downers Grove, Ill: IVP Academic.
[7] Johnson, Barry. 2014. Polarity Management: Identifying and Managing Unsolvable Problems.  Amherst, MA: H R D Press.
[8] Het Polarity Management model is niet in de eerste plaats bedoeld voor wat Johson een ‘of-of keuze’ noemt (zie hoofdstuk 6), maar in de context van dit artikel bleek het toch een nuttig model. 
[9] Senge, Peter M. 1992. De vijfde discipline: De kunst & Praktijk van de lerende organisatie. Schiedam: Uitgeverij Scriptum.
[10] Ducker, Christopher. 2008. “Missio Dei (the Mission of God)” Yumpu.com.
[11] Bosch, David J. 1992. “The Vulnerability of Mission” Baptist Quarterly 34 (8): 351–63.

Verder lezen?

Zending en corona: een aantal richtlijnen

De situatie rond de wereldwijde uitbraak van het coronavirus heeft ervoor gezorgd dat we van de een op de andere dag in …
Lees verder

Zendelingen en pioniers moeten samenwerken

Ook in 2016 zullen weer een heel aantal nieuwe gemeentestichtingsprojecten van start gaan. Een bemoedigende ontwikkeling…
Lees verder

Zendingswerkers begrijpen

Zendingswerkers worden intensief geconfronteerd met een cultuur die niet de hunne is. Wat doet dat met hen? Inzicht in d…
Lees verder