Sla links over

Hoofdinhoud

Succes- en remfactoren voor een bloeiend gebedsleven

Succes en emfacturen gebedslevendinsdag 13 september 2011 13:46

Gebed is de motor van de kerk. Tegelijkertijd lijden de gebedsactiviteiten in de meeste gemeenten in Nederland een moeizaam en kwijnend bestaan. Een inventarisatie van succes- en remfactoren.

Bidden is praten met God; het is de ademhaling van de ziel. Bij veel kerken in Nederland is er echter ook sprake van een verlegenheid met betrekking tot gebed. Deze constatering kwam prominent naar voren tijdens een gebedsconsultatie (okt 2008) van de Evangelische Alliantie (EA) en de Raad van Kerken.

Een geestelijke activiteit valt moeilijk te meten of in kaart te brengen. Maar juist omdat gebed zo belangrijk is, vormde de geconstateerde gebedsverlegenheid alle reden voor een ruwe inventarisatie van mogelijke succesfactoren en belemmeringen rondom gebed in de gemeente. Het afgelopen jaar heeft de werkgroep Gebed van de EA haar oor te luister gelegd bij verschillende kerkelijke gebedsinitiatieven. Hierbij is specifiek gevraagd naar de aanwezigheid van belemmerende en stimulerende factoren. Door het kleinschalige karakter van de inventarisatie zijn er nog geen vergaande conclusies aan te verbinden. De resultaten nodigen wel uit tot verdere bezinning.

Belemmeringen

Welke ‘hobbels’ of drempels spelen een rol bij gebed?

  • Onafhankelijkheid
    Nood leert bidden. Ook het omgekeerde lijkt waar te zijn: gebed neemt af naar mate mensen het gevoel hebben God niet (meer) nodig te hebben. Een belangrijke belemmering voor een levend gebedsleven is de hoge mate van luxe en welvaart die het leven in onze samenleving kenmerkt. In ons denken hebben we ons een onafhankelijke houding en bijbehorende leefstijlen aangemeten, waaruit een attitude spreekt van: ‘Wij hebben niemand nodig; wij kunnen het zelf wel’.

  • Oppervlakkigheid
    In heel veel kerken en gezinnen wordt regelmatig gebeden. Maar niet zelden worden deze gebeden beschreven als ‘mooie rituele handelingen’ die naar oppervlakkigheid neigen. Dit geldt zowel voor persoonlijke gebeden als kerkelijke gebeden. Mensen geven hierbij aan dat gebeden wel heel mooi of goed zijn, maar daarmee nog niet ons diepste zelf raken. Maar ook dat we er in onze gebeden er niet altijd in slagen om de innerlijke worstelingen en verlangens uit te drukken. Hiermee is niet gezegd dat gebed altijd een diepe emotionele ervaring zou moeten zijn. Of dat het ‘niet veel doet’ als we er niets bij voelen. Je zou wel kunnen stellen dat gebed voor mensen aan betekenis verliest als ze er niet met geest, ziel en lichaam bij betrokken zijn.
  • Lage verwachtingen
    Een andere barrière die door mensen genoemd werd is de onbekendheid met de kracht van gebed. Anders gezegd: niet zelden blijken mensen te bidden, zonder besef of verwachting dat het iets zal veranderen. Als je lage verwachtingen hebt van gebed, is het de vraag of je nog wel oog hebt voor de dingen die God wil doen en doet in de wereld. Hierdoor neemt automatisch de kracht en betekenis af van wat gebed zou kunnen betekenen: een gesprek van hart tot hart met de Schepper van hemel en Aarde. Of om met de psalmist te spreken: te vertoeven in de aanwezigheid van de Allerhoogste (Psalm 91).
  • Onveiligheid
    Samen bidden kan erg stimulerend zijn; maar ook demotiverend. Bij gebed in een groep speelt mee hoe goed je elkaar kent. Als je de anderen nauwelijks of juist te goed kent, kan dat ervoor zorgen dat je je niet vrij of veilig voelt om een gebed uit te spreken.

  • Geestelijke strijd
    Als we het over geestelijke zaken hebben - gebed als adem van de ziel - mogen ook geestelijke verklaringen niet buiten beschouwing blijven. Waar mensen zich willen toewijden aan gebed, mag je ook verleiding, tegenwerking en geestelijke strijd verwachten.

  • Cultuurverschillen
    Ook heel nuchtere overwegingen, blijken meer impact te hebben dan je zou denken. Denk bijvoorbeeld aan de verschillen tussen de diverse gebedsculturen en kerkelijke stromingen in ons land. Veel mensen uit traditionele kerken zijn bijvoorbeeld niet gewend om hardop te bidden, terwijl mensen uit sommige pinksterkringen niet gewend zijn aan liturgische of ‘stille’ gebeden.

  • Onheiligheid
    Sommige mensen die moeite hebben om samen te bidden hebben een gevoel van onwaardigheid. Soms heeft dit te maken met (onbeleden) zonde, maar het kan ook een uiting zijn van diep respect voor onze Heilige Heer. Ook gebedsvormen- tradities en –gewoonten uit andere kerken kunnen we als onveilig of onheilig ervaren.

  • Volle kerkagenda
    Een laatste remfactor die door diverse mensen werd genoemd is de overvolle (kerkelijke) agenda. Er zijn zo veel activiteiten waaraan je kunt meedoen, dat ze niet allemaal een plekje in de agenda kunnen krijgen.

Succesfactoren

Naast de bovengenoemde ‘moeizaamheid’ zijn er gelukkig ook heel veel mooie ontwikkelingen te noemen op het gebied van gebed die gezien en gehoord mogen worden. Wat zijn de factoren die bijdragen aan het succes van deze gebedsactiviteiten?

  • Godsbeeld
    Bidden is praten met God. Henk Vroom, hoogleraar godsdienstwijsbegeerte en apologetiek aan de Vrije Universiteit van Amsterdam stelde bij de gebedsconsultatie dat bidden een persoonlijk godsbegrip vraagt. Als mensen een ontmoeting hebben met God of bij een Alpha-cursus tot geloofsvernieuwing zijn gekomen, heeft dit meestal een stimulerend effect op het gebedsleven. Mensen die dicht bij God leven, zullen waarschijnlijk weinig van bovengenoemde gebedsremmingen herkennen.

  • Verwachting en afhankelijkheid
    De afgelopen jaren zijn er mooie ontwikkelingen gaande rondom de Nacht voor Gebed voor de vervolgde kerk en bij het gebed rondom vele Alpha-cursussen in ons land. Het doordrongen zijn van het belang en de essentie van gebed heeft een sterke motiverende werking. Essentieel element hierbij is het bewustzijn dat we God nodig hebben om de ander lief te hebben.

  • Concreetheid en begrensdheid
    Andere aspecten die een rol spelen bij het ‘succes’ van beide gebedsactiviteiten is dat er specifiek gebeden wordt voor concrete gebedspunten, wat de betrokkenheid bij de gebedsthema’s ten goede komt. Vaak helpt het om in aparte gebedsgroepen concreet voor verschillende gebedspunten te bidden.

  • Persoonlijke betrokkenheid
    Een groeiend aantal mensen is actief bij schoolgebedsgroepen in honderden steden, dorpen en wijken in ons land. Hier zien we dat het element van afhankelijkheid van God gepaard gaat met betrokkenheid bij kinderen en leerkrachten op de scholen. Door deze betrokkenheid lijkt er ook een groeiende waardering van scholen voor het gebedswerk te ontstaan.

  • Bemoediging
    Een vaak genoemd motief voor gebed is de bemoediging die er vanuit gaat. Bidden heeft een bemoedigend effect op het geloof en vertrouwen van de bidders zelf.

  • Geduld
    Groei, diepgang en inbedding van gebed hebben net als alle andere waardevolle dingen in het leven tijd nodig. Tijd om te luisteren naar God en aan elkaar te wennen.

  • Variatie
    Anders dan de mensen die voor ‘begrensdheid’ pleiten, wordt er volgens andere mensen juist te teveel ‘in hokjes’ gebeden (voor de kerk, voor school, et cetera). Het past bij onze tijd om met veel verschillende mensen op afwisselende manieren voor verschillende gebedspunten te bidden. Dit is bijvoorbeeld het geval bij de Nationale Gebedsdag, waarbij het steeds weer de uitdaging is om een afwisselend gebedsprogramma te ontwikkelen dat recht doet aan verschillende gebedstradities, -culturen en –onderwerpen.

Afrondend

Zoals u merkt is hierover het laatste woord nog niet gezegd. Graag willen we u uitnodigen om onze opsomming aan te vullen: Wat motiveert u om te bidden? Wat is voor u een drempel om te bidden of om naar een bidstond te gaan?

Wim Althuis
Coördinator Gebed van de Evangelische Alliantie

Overgenomen uit IDEA 6-2008, vakblad voor missionaire gemeenteopbouw van de Evangelische Alliantie - www.ea.nl

Kernwoorden: gebed, groepsgebed, gebedsgroep, bidstond, gebedsleven

Labels
Geestelijk leven > Gebed > Visie en beleid

« Terug naar Home

Archief > 2011 > september