Sla links over

Hoofdinhoud

Omgaan met lastige mensen in de kerk

Omgaan met lastige mensen in de gemeentevrijdag 30 september 2011 16:10

Als Rutger verschijnt op de gemeentevergadering ontstaat er een sfeer van onrust bij de aanwezigen. Wat zal er nu weer gebeuren? Op welke manier zal hij deze vergadering weer weten te vergallen?

Rutger staat bekend als een dwarsligger. Iemand die altijd kritiek heeft op de leiding en dat ongezouten naar voren brengt. De oudsten hebben er wel eens met elkaar over gesproken, maar ze weten niet goed hoe ze met hem moeten omgaan. Hij is heel actief in de gemeente, draagt financieel behoorlijk bij en er zit nogal wat familie van hem in de kerk.

Melanie is heel bekend bij het pastorale team van de gemeente. Ze praat graag over haar problemen, voelt zich machteloos en wordt snel emotioneel. Als een pastoraal medewerker het niet meer kan opbrengen om te luisteren en haar vermijdt, dan richt ze zich tot iemand anders uit het team. Als deze situatie tijdens een vergadering aan de orde komt, voelen alle pastoraal medewerkers zich er verlegen mee. Ze vinden dat Melanie het moeilijk heeft en daarom hulp verdient, maar ze zien er als een berg tegenop om contact met haar te hebben.

Verdragen

Als we bij een kerk horen, hebben we met allerlei mensen te maken. Net als onze familie hebben we ze niet zelf uitgekozen. Op de een of andere manier hebben we vaak het idee, dat we het met iedereen goed moeten kunnen vinden. We zijn immers allemaal kinderen van God en het past niet om daar negatief over te denken. We zijn zelf ook niet volmaakt en de Bijbel roept ons op om elkaar te verdragen. Dit soort gedachten leiden er vaak toe dat we irritaties en ongenoegen onderdrukken. We staan het onszelf niet toe om irritant gedrag te benoemen en onvolwassen gedrag aan te pakken. Jammer genoeg verdwijnen die irritaties niet vanzelf.

Destructief

Een beproefde manieren om met lastige mensen om te gaan is ze zoveel mogelijk te mijden en ze vooral niet al te serieus te nemen. Een andere, nog destructievere, manier is om er met anderen over te praten. De frustratie in ons zoekt een uitweg en het lucht op als we die met anderen delen. We bespreken met elkaar dat het gedrag van de ander wel heel erg lastig is en dat het zo niet langer kan. Beide zijn het geen goede oplossingen. Ze zullen Rutger en Melanie juist nog meer isoleren. Het gebrek aan gehoor voor hun verhaal versterkt hun dwarse en zuigende gedrag. Misschien hoopt de gemeente zelfs wel stilletjes dat zij zo ontmoedigd raken dat ze het opgeven of naar een andere gemeente vertrekken.

Systeemtheorie

Dit soort lastige situaties analyseren we vaak vanuit de psychologie. We zien het gedrag dan als behorend bij de persoon. We proberen hem of haar inzicht te geven in dat gedrag, zodat er verandering kan optreden. Als dat niet helpt, dan ontwikkelen we zelf vaardigheden om met het lastige gedrag om te gaan.

Een heel andere manier van kijken is door de systeembril. De systeemtheorie ziet het gedrag niet als behorend bij die persoon, maar als het resultaat van de interacties binnen het totale systeem, in dit geval de kerkelijke gemeente. Het lastige gedrag wordt geduid als een symptoom van een dieperliggend probleem binnen het systeem. De persoon die lastig gedrag vertoont is als het ware door het systeem uitgekozen om die rol te vervullen. In de gemeente van Rutger speelt al lang een probleem tussen twee partijen dat nooit echt besproken is. De ene partij wil meer vrijheid in het theologische denken, terwijl de andere partij wil vasthouden aan de orthodoxe leer. Niemand durft die discussie echter aan te gaan, omdat men bang is dat dat tot het uiteenvallen van de gemeente leidt. De spanning die dit met zich meebrengt komt bij Rutger naar voren.

Natuurlijk ontslaat deze gedachte de persoon in kwestie niet van zijn eigen verantwoordelijkheid. Hij zal zelf verantwoording moeten afleggen voor zijn gedrag en als hij mensen gekwetst heeft, dan moet hij daarvoor vergeving vragen. Echter, als de dwarsligger verandert en dat lastige gedrag niet meer vertoont, dan zijn de problemen in het systeem nog niet opgelost. Ze zullen op een andere plek naar boven komen.

Alomtegenwoordigheid

Een van de problemen waar veel gemeenten mee kampen zijn de torenhoge verwachtingen van leiders en leden over wat de kerk is.

Kenmerkende verwachtingen zijn:

  • Alomtegenwoordigheid: We moeten op ieder moment een beroep kunnen doen op de gemeente. Als vertegenwoordiger van God kun je het toch niet maken om geen tijd te hebben voor mensen in nood?
  • Alwetendheid: We verwachten van de gemeente dat zij een oplossing biedt voor allerlei problemen. Hoewel de reguliere hulpverlening ook vaak wordt ingeschakeld verwachten mensen wel dat een voorganger kan omgaan met drugs- en alcoholverslaafden, depressieve mensen, scheidingen, overlijden, seksueel misbruik, enzovoort.
  • Almachtig: In situaties van onzekerheid, stress en onrust verwachten we dat de leiding alles onder controle heeft.

Als het kader van een gemeente zich voor al deze aspecten verantwoordelijk weet, dan leidt dat tot veel spanning, ook bij gemeenteleden. Om die druk te verminderen en de gemeente als geheel gezond te houden moeten leiders duidelijk zijn over wat mensen wel en niet kunnen verwachten.

Hardvochtig

Toegepast op Rutger en Melanie zullen de gemeenteleiders duidelijk moeten maken welk gedrag wel en niet acceptabel is. Ze moeten daarbij een balans vinden tussen verdragen en het duidelijk aangeven van grenzen. Dit vereist moed, want Rutger kan na een duidelijk gesprek waarin zijn gedrag benoemd is, besluiten om zijn giften in te trekken. En Melanie kan, nadat duidelijke grenzen over contact zijn aangebracht, teleurgesteld vertrekken en verhalen rondstrooien over die 'liefdeloze, hardvochtige gemeente.' Maar we kunnen ook niet uitsluiten dat Rutger en Melanie blij zijn met de duidelijkheid, omdat misschien nog nooit iemand de moed heeft gehad om tegen hen in te gaan. De kans is groot dat ze zich serieus genomen voelen en na enige tijd dankbaar zijn dat ze uit hun isolement zijn gehaald.

Daarna zou het goed zijn als de gemeente het gesprek met elkaar aangaat om de onderliggende verschillen aan te pakken. De leiding kan het initiatief nemen om in een sfeer van veiligheid het gesprek hierover te openen. Het brengt risico met zich mee en is misschien niet altijd even gemakkelijk, maar het zal de hele gemeente helpen om gezonder te worden.

Eddy de Pender
Zelfstandige op het terrein van coaching & mediation, voorzitter van Netwerk Vredestichters (www.vredestichters.nl) dat kerken ondersteunt in het omgaan met (menings)verschillen.

Reacties op dit artikel worden op prijs gesteld. (eddy@depender.org)

Overgenomen uit IDEA 3-2009, vakblad voor gemeenteopbouw van de Evangelische Alliantie. www.ea.nl

Kernwoorden: Systeemtheorie, Systeemdenken, Pastoraat, Moeilijke mensen

Labels
Gemeenteopbouw > Leiderschap > Omgaan met diversiteit

« Terug naar Home

Archief > 2011 > september