Sla links over

Hoofdinhoud

Gedragsproblematiek binnen het kinderwerk

gedragsproblematiek binnen het jeugdwerkdinsdag 06 september 2011 11:19

'Welke juf is er vandaag? Ik hoop maar niet dat er een verrassing op het programma staat.' Zomaar een paar gedachten van een kind met PDD-NOS, een stoornis in het autistisch spectrum.

Zondagmorgen 09.45 uur; alle stoelen staan klaar, er schalt muziek door de boxen. Hier en daar zitten al kinderen op een stoel en in de gang wordt volop gespeeld; tafelvoetbal, vier op een rij en een echte glijbaan! De meeste jongeren en meisje komen gewoon binnen; ze hebben er zin in! Toch geldt dit niet voor iedereen...

'Het zingen vind ik superleuk, maar bij die ene leider mogen we altijd in een polonaise door de zaal, daar wordt ik zo druk van. En dan daarna; soms moet ik wel een half uur stil zitten en luisteren naar het verhaal, pfft...dat lukt dus echt niet. Dan ren ik naar mijn kleine groep, maar ook daar moet ik weer zitten en een werkje maken; waarom kunnen we niet even naar buiten?!' Zomaar een paar gedachten van een kind met ADHD, net als PDD-NOS een ontwikkelingsstoornis.

Voorspelbaarheid

In het kinderwerk komen bijna alle kerken ook jongens en meisjes tegen met gedragsproblemen. We willen graag dat zij ook lekker meedraaien, maar hoe geschikt zijn onze activiteiten voor hen? Wij willen graag verrassend zijn, terwijl zij vragen om structuur, rust en voorspelbaarheid. Daarnaast hebben ze ook nog eens te maken met veel verschillende juffen en meesters. De een kan wel omgaan met gedragsproblematiek en de ander denkt: 'Ik hoop maar dat hij of zij er vanmorgen niet is want dan gaat het allemaal zo moeizaam!' Kinderwerkers doen het werk met liefde, maar het omgaan met gedragsproblematiek vraagt wel wat meer dan alleen liefde. 

Druktemakers

Naast de speciale kinderen, heb je natuurlijk ook nog de 'gewone' druktemakers, kletstantes of juist die stille kinderen die nooit iets zeggen...En een groep waar niet echt iets mee aan de hand is, maar die elke zondag met frisse tegenzin komt. Die eigenlijk liever thuisblijft of het maar saai vindt om te zingen en een verwerking te maken. En de verhalen; ze kennen ze inmiddels wel uit hun hoofd! Gelukkig treffen ze wel hun vrienden en vriendinnen in de kerk waar ze lekker mee kunnen keten.... Hebben ze toch nog wat plezier, of niet?!

Hoe kunnen we zorgen dat onze bijeenkomsten voor al deze jongens en meisjes een veilige plek zijn? Soms lijkt het onmogelijk. We hebben te maken met beperkte middelen: vrijwilligers, vaak geen professionals en kleine ruimtes die niet echt geschikt zijn. En dan de inhoud van onze activiteiten; in hoeverre sluit die aan bij de leef- belevingswereld van de kinderen?
Een oplossing zou kunnen zijn om kinderen met gedragsproblemen onder te brengen in een aparte groep. Maar wat communiceer je hiermee naar deze jongens en meisjes en hun ouders? 'Je hoort er niet bij, je bent niet te handhaven.' Zo ontneem je ze de kans om samen met 'gewone' kinderen gemeente te zijn.

Een aantal dingen die we kunnen doen om de situatie binnen ons kinderwerk meer werkbaar te maken:

1. Kennis en vaardigheden

Rust kinderwerkers goed toe voor hun taak. Organiseer een cursus of een aantal avonden waarin je met elkaar nadenkt over onderwerpen als 'orde houden' en 'omgaan met gedragsproblematiek'. Nodig hierbij professionals uit vanuit het onderwijs of de zorg. Doe dit niet eenmalig maar laat het ieder seizoen opnieuw terugkomen.

2. Contact met ouders

Betrek de ouders bij het kinderwerk. Aan het begin van het schooljaar nodigen scholen vaders en moeders vaak uit voor een informatieavond. Daar krijgen ze te horen wat hun kind allemaal gaat doen. Daarnaast hebben ouders regelmatig een gesprek met de leerkracht over de vorderingen en het welbevinden van hun zoon of dochter. In hoeverre betrekken wij de ouders bij onze activiteiten? Organiseren we wel eens een informatieavond? Praten we met de ouders over hoe het gaat met hun kind binnen de kerk? Voor jongens en meisjes met gedragsproblemen is dit echt noodzakelijk. Van de ouders kunnen we veel informatie krijgen over hoe we het beste met hun kind omgaan. En als een jongen of meisje weet dat papa en mama regelmatig met de leiding praten betekent dat duidelijkheid en veiligheid voor hem of haar.

3. Overleggen

Bespreek de kinderen binnen je team en maak afspraken die iedere zondag gelden bij elke juf of meester. We praten veel over de moeilijkheden binnen onze activiteiten, maar in hoeverre zijn we oplossingsgericht aan het overleggen? Luister naar elkaar; misschien is er een persoon binnen je team die juist iets speciaals heeft met dat ene kind.

4. Bidden

Neem voortdurend de tijd om voor de kinderen te bidden. We praten veel over onze speciale 'gevallen', bid ook veel voor ze. Doe dat binnen je teamvergaderingen, maar ook thuis, juist voor die ene jongen of dat meisje waar je iets mee hebt of waar je je zorgen over maakt.

Kijken naar het kind in je kinderwerk kost tijd. Maar uiteindelijk levert het ook wat op; meer rust binnen de groepen, meer gezelligheid en plezier voor iedereen. Deze voorwaarden zijn nodig om tot ons doel te komen met de kinderen. Want we willen allemaal toch niets liever dan dat zij hun liefdevolle Vader in de Hemel steeds beter leren kennen?

Johanna Steendam-Kooij
Coördinator kleine groepen kinderwerk Vrije Baptistengemeente Bethel en leerkracht in het basisonderwijs.

Kernwoorden: Gedragsproblemen, autisme, adhd, zondagschool, kinderdienst, kindernevendienst.

Labels
Jeugdwerk > Geloofsopvoeding- en ontwikkeling > Vraagstukken
Jeugdwerk > Jeugdwerkers > Ordeproblemen

« Terug naar Home

Archief > 2011 > september