Sla links over

Hoofdinhoud

Goed afscheid nemen van vrijwilligers

goed afscheid nemen van vrijwilligerswoensdag 21 september 2011 09:00

In veel gemeenten zijn het de vrijwilligers die ervoor zorgen dat er kerkdiensten en andere activiteiten zijn. Aandacht voor de vrijwilliger – ook als hij of zij ermee stopt- is daarom heel belangrijk.

Vrijwilligers zijn goud waard. Zonder vrijwilligers zou er geen gezonde economie zijn. En ook de kerk heeft mensen nodig die zich belangeloos inzetten. Een gemeente is niet een gebouw van stenen. Gods gemeente bestaat uit mensen. Het was Jezus zelf die ons opdroeg om te dienen. En Hij stelde zichzelf tot voorbeeld. Kort voor Pasen hielden Jezus en de discipelen een maaltijd. Tijdens deze maaltijd stond Jezus op om zijn leerlingen de voeten te wassen. Het verhaal is tweeledig. Enerzijds laat Jezus hiermee zien dat Hij ons moet reinigen om bij Hem te horen. Anderzijds toont Hij het voorbeeld van een nederige meester. En zo moeten wij ook zijn. Liefdevol dienend. “Als ik, jullie Heer en jullie meester, je voeten gewassen heb, moet je ook elkaars voeten wassen. Ik heb een voorbeeld gegeven; wat ik voor jullie heb gedaan, moeten jullie ook doen.” [1]

In de kerk leer je dat je ‘moet’ dienen. Het hoort erbij. Iedereen moet zijn of haar steentje bijdragen. Misschien is het zo gewoon geworden dat we dienen, dat we daardoor vergeten hoe speciaal het is dat mensen zich wíllen inzetten voor de gemeente. De wereld bedankt mensen die dingen voor haar doen. Mensen die veel goede dingen doen krijgen een lintje. Hoge bazen krijgen forse bonussen. En Gods lichaam? Wat krijgen mensen die zich inzetten voor de kerk?

Beloning

Vanuit het oogpunt van de vrijwilliger is het in eerste instantie van belang dat je het werk doet voor God. “Wat u ook doet, doe het van harte, alsof het voor de Heer is en niet voor de mensen, want u weet dat u van de Heer een erfenis als beloning zult ontvangen- uw meester is Christus!” [2]

Wanneer je je taak alleen maar doet om eer te ontvangen van de andere kerkleden, dan is dat niet ‘in liefde dienen’. God zegt dat we schatten in de hemel moeten verzamelen en niet op aarde. Maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Natuurlijk weet je dat het Gods wil is dat je zijn gemeente dient, maar je wilt af en toe ook van mensen om je heen horen dat ze het zien en waarderen.

Vanuit het perspectief van de gemeente is het van belang te weten dat het bedanken van mensen essentieel is om gemotiveerde mensen te hebben en te houden. Het is goed om elkaar te bemoedigen en te bedanken voor het verrichte werk. Hoe komt het dat er ook in de gemeente zoveel mensen zijn die op een gegeven moment opgebrand raken? Is dat omdat ze te weinig waardering krijgen voor al het werk dat ze doen?

Gemeenteleden

Ik zeg met nadruk dat dit waarderen van de vrijwilligers niet altijd vanuit de kerkenraad hoeft te komen. Ook de gemeenteleden zijn er verantwoordelijk voor dat ze elkaar bedanken. Juist dan ervaar je dat je één lichaam in Christus bent. En hoe groot is de moeite om tegen de crècheleiding te zeggen dat je het fijn vond dat ze weer op je baby pasten? Of tegen de koffiedame dat de koffie lekker was? En ook voor de voorganger is het goed om te horen dat je wat aan zijn preek hebt gehad. Bemoedig elkaar door te bedanken en door regelmatig je waardering uit te spreken. Je zult zelf ook gemotiveerder zijn om je eigen taak te doen!

Je taak neerleggen

In Prediker 3 vers 1 staat: “Voor alles wat er gebeurt is er een uur, een tijd voor alles wat er is onder de hemel.” We kunnen opbouwen en we zullen moeten afbreken en dat is niet altijd zo gemakkelijk. Er komt een tijd dat iemand zijn of haar taak neerlegt. Bijvoorbeeld door gezinsomstandigheden of door lichamelijke klachten. Of gewoon omdat de termijn erop zit. De manier waarop er afscheid genomen wordt, bepaalt voor een groot deel hoe iemand op zijn gedane taak terugkijkt. Als het met strijd gepaard gaat, is het veel moeilijker om je er goed over te voelen, dan als iemand in volledige harmonie en in onderling overleg afscheid neemt.

Rouwen

In sommige gemeenten staat iemand ineens niet meer op het rooster en dat is dan dat. Geen woord van dank of waardering. Ineens ben je er niet meer. Tel je niet meer mee. Dat is niet goed, want loslaten is een heel moeilijk menselijk proces. Loslaten is een vorm van rouwen en er is tijd voor nodig om dat een plek te geven. Zeker voor mensen die zich zeer intensief hebben ingezet kan het zwaar zijn. Met een taak ‘ben’ je iemand. Je hebt aanspraak en verantwoordelijkheid. En ineens is dat er niet meer.

Wanneer je jarenlang trouw je taak hebt verricht en er komt een einde aan, dan kan dat verschillende gevoelens geven. Wellicht is er in eerste instantie het gevoel van opluchting: ‘Ik ben toch wel blij dat ik niet meer elke week een avond in de week kwijt ben aan die taak.’ De verantwoordelijkheid valt weg en je krijgt meer tijd voor andere dingen. Maar naast de opluchting kan er ook teleurstelling zijn: ‘Toch wel jammer dat ik dat nu niet meer doe. Het was altijd zo gezellig.’ Soms geeft het ook verdriet om een taak neer te leggen. Je mist het contact met anderen en het gaf een invulling aan je leven, waardoor er ook gevoelens van zinloosheid naar boven komen. ‘Wat beteken ik nu nog voor de gemeente?’ Of je voelt je schuldig, omdat anderen allerlei taken in de gemeente hebben en jij het gevoel hebt dat je alleen maar consumeert.

Als de taak niet vrijwillig is neergelegd, kan er ook boosheid bij komen: ‘Ik voel me gepasseerd. Ik heb me jarenlang trouw ingezet en nu zetten ze me uit die functie.’ Als er geen ruimte is om die boosheid te uiten, dan ontstaan wrok en bitterheid. Dus het is essentieel dat eventuele meningsverschillen uitgesproken worden en dat de persoon die de taak heeft moeten neerleggen de ruimte krijgt om zijn of haar gevoelens te ventileren. Er moet vergeving plaatsvinden van beide zijden wanneer er dingen gezegd zijn die niet liefdevol waren.

Nieuwe mensen

Iedereen doet een taak op zijn of haar eigen manier. Het geeft degene die weggaat een naar gevoel, wanneer ineens alle methoden vernieuwd worden. Houd daar rekening mee. Natuurlijk moeten soms nieuwe methodes ingevoerd worden, maar zorg ervoor dat het ‘oude’ met respect behandeld wordt. Dan gaat het zowel om de persoon als om de taak. Teksten als: ‘Nou, ik ben blij dat we nu eindelijk een gezellig team hebben.’ Of: ‘Deze methode was zo slecht, het is maar goed dat we nu opnieuw kunnen beginnen’ mogen niet gezegd worden. Dat is onaardig en respectloos voor degenen die zich jarenlang hebben ingezet. Spreek liever je waardering uit: ‘Wat geweldig dat hij of zij zoveel heeft gedaan voor de kerk.’ Of: ‘We hebben een goed fundament om verder op te kunnen bouwen.’ Zorg ervoor dat het voor iedereen fijn is om in de gemeente te komen en spreek liefdevol met en over elkaar. Tenslotte kom je elkaar elke zondag weer tegen.

Vrijwilligers waarderen

Wat zou je als gemeente kunnen doen om vrijwilligers op een goede manier te waarderen?

  • Organiseer eens per jaar of twee jaar een dankdienst, waarbij de vrijwilligers centraal staan. Zet ze in het zonnetje. Haal ze op het podium. Geef ze allemaal een kleinigheidje. Organiseer een lunch voor de vrijwilligers. Als dit lastig is, zou je kunnen vragen of iedereen iets meeneemt, zodat je met elkaar de maaltijd kunt delen. Dit geeft een speciaal gevoel van verbondenheid. Laat op een positieve manier blijken dat het gewaardeerd wordt dat de vrijwilligers zich inzetten voor de gemeente.
  • Als iemand afscheid neemt, besteedt hier dan specifiek aandacht aan. Noem het in de dienst. Bedank iemand op het podium (als hij of zij dat wil, want niet iedereen vindt dit fijn). Regel een mooi (zelfgemaakt) cadeau. Geef iemand de ruimte in het mededelingenblad om iets te vertellen over hoe hij of zij de periode van vrijwilligerswerk in de kerk heeft ervaren. Als er meerdere mensen zijn die tegelijkertijd afscheid nemen, organiseer dan bijvoorbeeld een borrel voor hen en hun partners. Hun partners hebben tenslotte ook vaak de vrijwilliger ondersteund om het werk in de gemeente te kunnen doen.
  • Zorg voor elkaar. Ook als de taak al een tijd geleden is neergelegd, is het fijn wanneer er nog naar iemand gevraagd wordt. Iedereen wil bijzonder en geliefd zijn. En niet alleen de actieve leden maken deel uit van de gemeente, ook anderen die geen taak op zich (kunnen) nemen horen erbij.

Door Carianne Ros van Dok
Christentherapeut en Personal Coach

IDEAZ

Dit artikel werd geschreven voor IDEA 2 van 2010. IDEA is opgevolgd door IDEAZ, het praktijkblad over missionair kerk-zijn in wijk en wereld.

[1] Johannes 13 vers 14,15
[2] Kolossenzen 3 vers 23,24 

Labels
Geestelijk leven > Pastoraat > Doelgroepen
Gemeenteopbouw > Praktische organisatie > Vrijwilligers

« Terug naar Home

Archief > 2011 > september